Voorproefje: het hoofdstuk over HIV. De andere hoofdstukken zijn te lezen in het boek Gay & Happy.
22. Omgaan met HIV
Het beeld dat de media van HIV geven is wat dubbel: aan de ene kant wordt benadrukt dat het nog steeds een levensbedreigende ziekte is, om mensen te overtuigen condooms te gebruiken, maar aan de andere kant is de boodschap dat mensen ondanks hun HIV een redelijk normaal leven kunnen leiden. Beide boodschappen zijn belangrijk: probeer kost wat het kost te voorkomen dat je HIV binnen haalt, maar krijg je het uiteindelijk toch, zie het dan niet als het einde van je wereld. Er valt met de nodige aanpassingen goed mee te leven. Hoewel het virus met medicatie kan worden teruggedrongen tot een bijna onwaarneembare hoeveelheid, is het nog steeds niet te genezen.
Wat is HIV?
HIV (Human Immunodeficiancy Virus) is een virus dat je immuunsysteem kaapt. Het dringt beschermende cellen binnen (zogenaamde CD4 cellen) en vermenigvuldigt zichzelf binnen die cellen. De nieuwe virussen spreiden zich dan uit naar andere cellen, waar het proces zich herhaalt. Omdat dit het immuunsysteem ondergraaft, zijn mensen met HIV die niet behandeld worden, vatbaarder voor allerlei andere infecties door bacteriën en virussen. Maar ook na het gebruik van medicijnen blijft de natuurlijke afweer meestal wat zwakker, omdat deze zich bij veel patiënten niet helemaal herstelt.
Als iemand HIV heeft, wordt dit ook wel aangeduid als '(sero)positief', 'poz' of 'HIV+' zijn. Iemand die geen HIV heeft is '(sero)negatief', 'neg' of 'HIV-'. Bij iemand die seropositief is maar niet behandeld wordt voor HIV - of wanneer behandeling langdurig niet aanslaat - kan het virus leiden tot AIDS (Acquired Immune Deficiency Syndrome). De diagnose 'AIDS' wordt gesteld op het moment dat iemands immuunsysteem zodanig is aangetast, dat hij of zij ziek wordt van iets dat een gezond immuunsysteem makkelijk had aangekund.
HIV vermijden
Over safer seks en het vermijden van soa's, staat uitgebreidere informatie in het hoofdstuk Lekker Safe, maar hier volgen nogmaals de hoofdpunten met betrekking tot HIV. Gezien het aantal mensen dat overleden is aan het virus, is het vreemd te bedenken dat het een relatief 'zwak' virus is; wat wil zeggen dat het aanvankelijk niet zo makkelijk langs je immuunsysteem zal glippen. De fatalistische houding die sommige homo's hebben - 'Waarom zou ik moeite doen het te vermijden? Vroeg of laat krijg ik het toch wel.' - is daarom zeker niet gerechtvaardigd.
Kussen met iemand die HIV heeft is niet gevaarlijk, tenzij je partner een dusdanige wond in zijn mond heeft dat je bloed kan proeven en dan is zoenen toch al niet echt lekker. Het belangrijkste wat je als man die seks heeft met mannen kan doen om te vermijden dat je HIV oploopt, is altijd en correct condooms te gebruiken voor anale seks, in combinatie met veel glijmiddel. Dat moet glijmiddel zijn op waterbasis of op siliconenbasis. Spuug alleen geeft te veel wrijving en vergroot de kans op een gescheurd condoom.
Anale seks zonder condoom is zo ongeveer het gevaarlijkste wat je op seksueel gebied kan doen, of je nou de actieve of de passieve partner bent. Ben je een part-time of full-time bottom, dan moet je daarom in ieder geval leren een condoom behendig over de pik van je partner te rollen en het initiatief nemen op dat gebied als de ander je niet voor is. Maar ook als top moet je op het gebied van condooms toch echt je mannetje kunnen staan. Lijdt je aan faalangst wat betreft het aanbrengen van een condoom, oefen dan rustig thuis op jezelf.
Het risico op HIV door orale seks valt moeilijk te kwantificeren, maar is in ieder geval erg laag in verhouding tot neuken. Aan te raden valt om voor de zekerheid geen sperma in je mond te krijgen. In voorvocht zit veel minder van het virus dan in sperma en de antivirale elementen van je speeksel kunnen die hoeveelheid normaliter makkelijk aan, dus daar hoef je je weinig zorgen om te maken. Veeg eventueel een overschot met je hand weg voordat je pijpt. Een condoom tijdens het pijpen is wél belangrijk wanneer je last hebt van bloedend tandvlees, een geïrriteerde keel of kleine wondjes in je mond, zoals aftjes. Poets je tanden niet hard net voor of na een pijpbeurt: dit geeft ook tijdelijk kleine wondjes in je mond. Spoel je mond na afloop.
Wanneer je immuunsysteem het al wat moeilijk heeft vanwege ziekte, drugs, een soa of uitputting, loopt je meer kans op infectie; HIV krijgt dan makkelijker een voet tussen de deur. Wat soa's betreft: met name syfilis brengt een verhoogd risico op het krijgen van HIV met zich mee en deze soa geeft niet altijd duidelijke symptomen. Daarom is het belangrijk om je eens per half jaar te laten nakijken op soa's, of je nu klachten hebt of niet.
Hou bij dit alles wel in gedachten dat je geen HIV kan krijgen van iemand die het simpelweg niet heeft. Het probleem is natuurlijk dat je daar bijna nooit zeker van kan zijn: vriendjes kunnen vreemdgaan - ja, zelfs de jouwe - en een HIV test geeft geen uitsluitsel over de laatste drie maanden vóór de test. De tests zoeken namelijk naar antistoffen tegen HIV in je bloed en die zijn pas een paar maanden na infectie te vinden. HIV wordt meestal doorgegeven door mannen die zelf (nog) niet weten dat ze HIV hebben. Mensen die zich laten behandelen en medicijnen gebruiken, zullen een kleinere hoeveelheid van het virus in hun lijf hebben als de behandeling succesvol is en het daarom minder makkelijk doorgeven, al kan dat nog steeds. Het makkelijkste is om er van uit te gaan dat iedereen potentieel HIV heeft, tenzij het tegendeel is bewezen, en om altijd voorzichtig te zijn, dus: neuken met condoom en glijmiddel op water- of silliconenbasis en geen sperma in je mond krijgen. Je kan iemand diplomatiek vragen naar zijn status voor je met hem in bed duikt - of je zelf nu positief bent of negatief - om aan te geven dat safer seks belangrijk voor je is, maar verwacht niet dat je de waarheid te horen krijgt. Wat je partner ook antwoordt: safer seks blijft een vereiste en dat maakt zijn status minder belangrijk.
OpgePEPt
Als er een condoom scheurt tijdens een neukpartij met iemand die HIV heeft (of waarvan je vermoedt dat hij HIV heeft) kan je terug vallen op een noodbehandeling die PEP heet (Post-Exposure HIV Chemoprophylaxis). Deze behandeling moet zo snel mogelijk na het moment van risico beginnen: het liefst binnen twee uur maar in ieder geval binnen 72 uur. Je kan het aanvragen via je huisarts of bij de GGD, maar het is geen pretje: de behandeling bestaat uit een potente cocktail aan HIV medicatie die je een maand lang zal moeten nemen, met vervelende bijwerkingen. Het is echter wel een vrij effectief redmiddel wanneer je een groot risico hebt gelopen. Kijk voor adressen op www.mantotman.nl. Je kan daar ook een online PEP-check doen om te peilen of een behandeling gewenst is.

.jpg)













